Actueel

De Nieuwe Wijkaanpak brengt bloemkoolwijken in beweging

De Nieuwe Wijkaanpak brengt bloemkoolwijken in beweging

Ooit waren het moderne en zeer gewilde wijken: de nieuwbouwwijken uit de jaren zeventig met moderne architectuur en een stratenplan dat vanuit de lucht op bloemkoolroosjes lijkt. Tegenwoordig zijn de woningen en openbare ruimte vaak wat sleets en staat de leefbaarheid regelmatig onder druk. In Huissen en Westervoort experimenteren overheid, woningeigenaren, huurders, ondernemers en maatschappelijke organisaties met succes met de ‘nieuwe wijkaanpak’. Zij maakten samen het plan en trekken nu samen op in de uitvoering. Het verhaal achter het geheim van deze twee bijzondere processen.

Door: Christine van Eerd | Leestijd: circa 5 minuten

Liesbeth Berens woont nu zo’n jaar of vijf in de Zilverkamp in Huissen. Als actieve vrijwilliger leerde ze de wijk snel kennen. “Bij het collecteren zag ik dat niet alle straten er even goed bij liggen en ook achter de voordeur is er soms wat aan de hand.” Nadat het wijkplatform begin 2016 via een handtekeningenactie op de zorgelijke situatie had gewezen, zegden de gemeente Lingewaard en provincie Gelderland hun medewerking toe. Samen met alle betrokkenen – bewoners, gemeente, maatschappelijke organisaties – is vervolgens een wijkontwikkelingsplan opgesteld. Juist door het maken van het plan ontstond betrokkenheid en binding. Liesbeth Berens: “In totaal hebben zo’n honderd bewoners meegedaan en veel daarvan zijn actief gebleven. Er zit weer dynamiek in de wijk!”

Stip op de horizon

In bloemkoolwijken zoals de Zilverkamp staan inwoners, gemeenten en maatschappelijke organisaties voor de opgave om te investeren in de (verduurzaming van) woningen en de woonomgeving. Dat is best uitdagend met zoveel partijen en het hoge percentage eigenwoningbezit. Volgens Sjors de Vries van RUIMTEVOLK is er een fundamenteel andere benadering nodig: “Niet bottom-up of top-down, maar in samenwerking, dwars door het midden. Het opstellen van een gebiedsvisie of wijkontwikkelingsplan (WOP) kan daarbij dienen als vliegwiel voor nieuwe inzichten, dynamiek en samenwerkingen. Een WOP is een combinatie van aandacht voor sociale vraagstukken en voor fysiek ingrijpen. Het is volledig opgetuigd en gedragen door bewoners, lokale overheden en gebiedspartijen, zoals woningcorporaties, onderwijs en maatschappelijke organisaties. Het plan start met een scherpe integrale analyse van opgaven en kansen, vertelt het verhaal van de wijk en werkt toe naar ambities voor de toekomst en concrete acties. De kracht zit ‘m in het samen beschrijven van het gedeelde toekomstbeeld van de wijk.”

Liesbeth Berens van het wijkplatform Zilverkamp: “Er zit weer dynamiek in de wijk!”

Vertrouwen

Vanuit de gemeente is Willem Bijker als projectleider betrokken bij de Zilverkamp. “We hadden al dorpsontwikkelingsplannen (DOP’s) en nu voor het eerst ook een wijkontwikkelingsplan (WOP). Input voor dat plan is opgehaald via interactieve werksessies, een wijkschouw en wijkconferenties die RUIMTEVOLK heeft begeleid. Achter de schermen is hard gewerkt voor extra budget voor het revitaliseren van de fysieke omgeving. Dat is belangrijk want dan kun je in zo’n proces boter bij de vis doen. Dat schept vertrouwen.”

Begin 2018 was het WOP voor de Zilverkamp klaar. De 5 thema’s en 44 actiepunten vormen een stevige basis voor de wijkaanpak. “Het plan wordt breed gedragen: door de inwoners, maar ook door professionals en bestuurders. Het is een prikkelend en visionair stuk met een dynamische actielijst waarvan we steeds in overleg met bewoners kijken wat prioriteit heeft”, zegt Bijker. “De gemeente zorgt voor de basis en zet graag een extra stap voor projecten waarvoor energie is in de wijk. Er is bijvoorbeeld een boomgaard in het park gekomen. Soms voeden we bewoners wel met onze eigen ideeën, zoals het aansluiten bij operatie Steenbreek om de tuinen te vergroenen.”

We ontmoetten mensen die echt iets willen bijdragen.

Ton Fransen, bewoner van de Mosterdhof in Westervoort

De Mosterdhof in Westervoort was beroemd vanwege de experimentele woningbouw. Met name de opbouw van de wijk met de scheiding van voetgangers en rijverkeer en de combinatie van eengezinswoningen en seniorenwoningen werd breed geprezen. Ton Fransen woont er al 38 jaar. “We waren gecharmeerd van het strakke ontwerp, de locatie en de mengvorm van koop- en huurwoningen. In de loop der tijd is veel veranderd. De school die een verbindende factor vormde, is weg. En de wijk verrommelt: niet iedereen onderhoudt de woningen even goed en door bezuinigingen van de gemeente is sprake van achterstallig onderhoud aan groen en tegelpaden.”

De wijkaanpak in de Mosterdhof was al even aan de gang toen projectleider Sander Geertsen hoorde over het wijkontwikkelingsplan van de Zilverkamp. “Vanuit de wijkraad kwamen er veel klachten over de leefbaarheid. We zijn toen de wijk ingegaan om mensen te bevragen en daar ontstond ook een positief beeld van de buurt. We ontmoetten mensen die echt iets willen bijdragen. Op een werkbijeenkomst kwam dat bij elkaar.” Het succes van die bijeenkomst werkbijeenkomst is mede bepaald door de onafhankelijke voorzitter, vindt Geertsen. Fransen beaamt dat: “Sommige mensen waren reuze gefrustreerd. De dagvoorzitter pakte dat op met humor en lichtheid en vroeg om vooral vooruit te kijken en te benoemen wat we zouden willen.”

Willem Bijker, gemeente Lingewaard: “Het wijkontwikkelingsplan wordt breed gedragen: door de inwoners, maar ook door professionals en bestuurders

Door het midden

Voor het vervolg van de wijkaanpak in de Mosterdhof organiseerde RUIMTEVOLK verschillende werksessies om de thema’s verder uit te werken. Fransen: “Samen met de gemeente hadden ze in no time data verzameld die een goed beeld geven van onze wijk en de bewoners. Zo kunnen we de plannen staven met cijfers. Daar kunnen we de komende jaren op voortborduren.”

Het wijkontwikkelingsplan is geschreven vanuit de bewoners. Geertsen: “Dat is echt een meerwaarde. Het is nu een ander verhaal dan als de gemeente het had gemaakt.” Voor de bewoners was deze aanpak ook prettig. Fransen: “We werden er echt blij van. Alle thema’s en acties zijn voor ons heel herkenbaar. Nu staan we zelf aan de lat voor verdere uitwerking. We zijn trots op het wijkontwikkelingsplan en hopelijk zijn we straks ook weer trots op de wijk. Er nog wel scepsis bij bewoners, maar door het wijkontwikkelingsplan hebben mensen elkaar veel beter leren kennen. Dat is al winst.”

Bij de wijkontwikkelingsplannen gaat niet alleen om het product, maar vooral ook om het proces om samen zo’n plan te maken. Sjors de Vries benadrukt dat het daarbij niet alleen gaat om bijeenkomsten organiseren en bewoners helpen om hun plan te verwoorden. Hij ziet het ook als zijn taak om de gemeente te ondersteunen de boel organisatorisch en budgettair slim en tijdig op te lijnen. “Wij geloven in samenwerking door het midden, waarbij je inwoners, professionals en bestuurders samen aan tafel krijgt vanuit een gedeelde ambitie en een heldere rolopvatting. Daarbij gebruiken we diverse analysetechnieken en de kracht van verbeelding en het verhaal. We brengen de opgaven letterlijk in beeld en helpen zoeken naar slimme verbindingen. Dat leidt tot een gewortelde aanpak.”

De visie is klaar en dan?

De energie vanuit het maken van een gezamenlijke visie en aanpak is goud waard. Om dit vast te houden en uit te bouwen bevatten de wijkontwikkelingsplannen in Huissen en Westervoort een stappenplan voor het vervolg. De Mosterdhof werkt met wijktafels van mensen die zich met een thema verbonden voelen. Het meest actief is op dit moment de wijktafel Aandacht voor elkaar, “een lekkere doe-groep”, aldus Fransen. Een ander mooi resultaat is de openhuizenroute duurzaamheid, waar mensen aan elkaar lieten zien welke verbeteringen zij al hebben aangebracht. “Dat inspireert.”

Ook Geertsen is tevreden met de wijktafels. “Daar komt ter sprake wiens probleem iets eigenlijk is. De gemeente is niet degene die alles kan oplossen.” Als voorbeeld noemt hij verouderde schuttingen die het straatbeeld negatief beïnvloeden. “Bewoners wijzen vaak naar de gemeente die zou moeten handhaven. Maar het is beter als bewoners elkaar daarover aanspreken en misschien zelfs helpen de schuttingen te vernieuwen. We willen mensen voorzichtig meenemen in dat proces, door ze te verleiden en niet te dwingen.”

In de Zilverkamp zijn na oplevering van het wijkontwikkelingsplan nog wijkconferenties en diverse kleine bijeenkomsten georganiseerd. Net als een ideeënmarkt om inspirerende initiatieven te delen. Een belangrijke stimulator is ook de wijkkrant. “Die is weer nieuw leven ingeblazen”, zegt Liesbeth Berens. “Het ziet er prachtig uit dankzij een vormgever uit de wijk. De bezorging doen we ook zelf. Mensen zien dat als een overzichtelijke afgebakende taak en daardoor komen ze ook in contact met andere activiteiten.” Hoog op haar verlanglijstje staat een ontmoetingsplek in de wijk: “We willen een vaste plek waar je elkaar tegenkomt, waar je verhalen kunt vertellen en elkaar inspireren. Fysiek ontmoeten is belangrijk om een band op te bouwen.” Een opsteker voor de wijk is de toekenning van ruim 4 miljoen euro uit het Rijksprogramma ‘Aardgasvrije wijken’ om 600 tot 700 woningen op een warmtenet aan te sluiten. Een van de doelstellingen uit het WOP.

Ook met een gedragen visie vraagt wijkontwikkeling een lange adem. De uitwerking gaat met vallen en opstaan. Geertsen: “Een flink aantal acties voor de Mosterdhof hebben we samen opgepakt. Er is nu veel dynamiek in de wijk, dus dit is het moment om iets te doen. Maar om de wijk bijvoorbeeld ook aardgasvrij te krijgen, wachten de inwoners nu toch op de overheid, die daarvoor op alle schaalniveaus nog beleid moet maken. Want het maakt nogal uit of je als wijk of particulier aan kunt haken op restwarmte, collectieve energiewinning of collectieve inkoop.”

Op basis van het WOP werd de Mosterdhof geselecteerd voor Panorama Lokaal, een ontwerpprijsvraag op initiatief van de rijksbouwmeester om wijken aan stadsranden klaar te maken voor de toekomst. Het wijkontwikkelingsplan was daarbij het vertrekpunt. Geertsen: “De gemeente is nu in overleg met de winnende partij. Onze insteek is om tot een concreet vervolg te komen. Daar blijven we de bewoners uiteraard bij betrekken.”

Het is de kunst om in het vervolgtraject van de wijkontwikkeling de bewoners betrokken te houden. Sjors de Vries vindt dat de gemeente daarin een belangrijke rol heeft. “Je kunt niet achterover leunen en afwachten waar bewoners mee komen. Er moet sprake zijn van wederkerigheid en continue wisselwerking. Een faciliterende overheid is in mijn ogen geen overheid. Wijkontwikkeling vraagt net als van de inwoners ook van de overheid en maatschappelijke organisaties om pro-actief en verbindend handelen.”

_____________________________________

De 7+1 gouden regels van De Nieuwe Wijkaanpak volgens RUIMTEVOLK

  1. Vergeet bottom-up of top-down. Werk vanaf het begin door het midden: samen met inwoners, professionals en politici.
  2. Werk als overheid zo veel mogelijk opgave- of gebiedsgericht. Zorg als gemeente dat je organisatie, programma’s en budgetten tijdig en slim op elkaar afstemt.
  3. Verbind groot met klein. Werk gelijktijdig aan grote, meerjarige projecten en kleinere interventies waarmee je op korte termijn resultaat kunt boeken. Dat wekt vertrouwen en geeft de broodnodige energie.
  4. Een gedeeld toekomstbeeld werkt verbindend en inspirerend. Investeer in het formuleren van een gezamenlijke toekomstvisie en laat deze zo veel mogelijk aansluiten op de identiteit, karakter en de waarden van de wijk. Maak de droom in woord én beeld voorstelbaar.
  5. Vermenigvuldig kennis: verbind specifieke thematische expertise met lokale kennis en ervaringen uit de wijk. Werk daarbij met feiten, niet alleen met meningen. Investeer bij elke stap in joint fact finding.
  6. Spreek met inwoners en professionals heldere spelregels af voor bijeenkomsten en werkafspraken en herhaal die regelmatig.
  7. Zoek naar het gezamenlijke belang in een wijk, dat werkt verbindend. Leg verbinding tussen opgaven en kansen, maar wees precies en selectief
  8. En vooral… Hou vol. Maak af!

Artikelen & blogs

Onze werkplaats in Utrecht

Onze werkplaats bevindt zich op de meest centrale plek van Nederland, in Jaarbeurs Innovation Mile, de innovatiehub en co-workingspace van de Jaarbeurs.